top of page

Slaapprotocol Kyra - april 2026 Werkwijze en protocol

1. Slaapzakken en kleding

 

Bij het slapen maken wij gebruik van een veilige slaapzak. Hierbij letten we op de volgende punten:

 

  • te warm:

De temperatuur van de slaapkamer bepaalt de dikte en het type slaapzak (bijvoorbeeld met of zonder mouwen). We controleren de lichaamstemperatuur door met de hand aan de achterzijde van het nekje te voelen. Het nekje moet lauw aanvoelen. Dan heeft de baby het aangenaam.

  • te groot:

De halsopening en armsgaten moeten goed aansluiten, zodat het kind niet in de slaapzak kan wegglijden.

  • sluiting:

De slaapzak sluit met een rits, niet met knopen of drukkers. De rits sluiting bevindt zich bij de onderbeentjes, zodat het kind deze niet zelf kan openen.

  • armbeweging:

De armen van het kind zitten niet vast in de slaapzak, ook niet bij slaapzakken met mouwen. Mouwen mogen niet vastgeritst zijn of de beweging beperken.

 

Door ouders meegebrachte slaapzakken worden alleen gebruikt als ze voldoen aan bovenstaande voorwaarden.

 

  • mutsjes:

Baby’s dragen binnen geen mutsje. Het hoofd speelt een belangrijke rol in de warmteregulatie; een muts vergroot het risico op oververhitting.

 

 

Uitzondering - instoppen met laken:

Uitzondering: stevig instoppen met een strakgespannen laken.

 

In sommige situaties mag een baby in een slaapzak strak ingestopt worden met een laken. Belangrijk hierbij is dat het laken groot genoeg is om stevig ingestopt te worden en dat het bedje laag opgemaakt wordt, dus met de voetjes bijna bij het voeteneind.

 

Deze uitzondering maken we voor:

  • die aanstalten maken om te gaan omdraaien van rug naar buik, maar nog niet in staat zijn om zelf terug te draaien. Het strakke laken zorgt ervoor dat de baby langer veilig op de rug blijft liggen.

  • die erg veel huilen en/of onrustig zijn en daardoor slecht slapen. Het strakke laken draagt eraan bij dat de baby rustig wordt.

 

2. Slaaphouding

 

  • is de norm:

Baby’s worden altijd op de rug in bed gelegd. Dit is de veiligste slaaphouding om wiegendood te voorkomen.

  • Buikslapen is NIET toegestaan, ook niet eenmalig. De risico’s zijn aanzienlijk verhoogd, vooral als de baby het niet gewend is.

  • op buikslapen: Als de ouders hiervoor toestemming geven door middel van een formulier en ze zich bewust zijn van de risico's. Deze lichten we toe tijdens de intake en op het formulier.

  • omrollen:

Zodra een baby zélf van rug naar buik én terug kan draaien, hoeft het niet meer telkens terug op de rug gelegd te worden. Dit gebeurt gemiddeld tussen de 5 en 9 maanden.

 

Belangrijke aandachtspunten in deze fase zijn:

 

  • informeren ouders direct als hun baby pogingen doet tot draaien naar de buik.

  • vragen wij de ouders actief of hun baby thuis al pogingen doet tot draaien naar de buik, zodat wij hierop voorbereid zijn terwijl de ouder erbij blijft.

  • een baby in deze ontwikkelingsfase nemen wij extra maatregelen wat betreft het stevig instoppen met een strakgespannen laken (zie advies 1) en frequenter toezicht (zie advies

  • een baby toch zelf naar de buik gedraaid is, leggen we de baby terug op de rug.

 

3. Veilige slaapomgeving

  • dekens, lakens of dekbedjes in bed, tenzij voor stevig instoppen zoals hierboven omschreven.

  • kussenachtige materialen of andere risicovolle objecten in het bedje:

 

Denk aan:

  • knuffels

  • of wigjes

  • koorden, plastic materialen

  • en zijwandbeschermers

  • luchten:

 

De slaapkamer wordt dagelijks geventileerd. Ideale temperatuur ligt tussen de 15-20°C.

Bij warme dagen wordt vooraf gekoeld met een airco of ventilator (zie ook het hitteprotocol van het RIVM).

 

4.Toezicht tijdens het slapen

 

  • elke 15 minuten bij alle slapende kinderen.

  • toezicht voor jonge baby’s en kinderen in overgangsfase (leren omrollen): Minimaal elke 10 minuten wordt fysiek gecontroleerd.

  • het naar bed brengen wordt altijd een visuele check gedaan in de andere bedjes.

 

Gebruik van hulpmiddelen:

  • zetten timers of reminders in om controlemomenten te waarborgen.

  • controle wordt geregistreerd in een logboek.

  • nodig gebruiken we een babyfoon (eventueel met camera), vooral bij buiten spelen of beperkte zichtlijnen.

 

 

Samenvatting van de kernpunten

 

Onderdeel                         

Richtlijn

 

Slaaphouding                              

Altijd op de rug

 

Slaapzak                                       

Goed passend, met rits, geen knopen, geen losse onderdelen

Bedmateriaal                               

Geen kussens, nestjes, dekbedden, grote knuffels of koorden

 

Temperatuur slaapkamer                                                      

15-20°C, ventileren en koelen indien nodig

Toezicht                                         

Elke 15 min. fysiek, jonge baby’s elke 10 min.

 

Registratie                                    

Logboek van controles, evt. met timer/reminder

Uitzonderingen                            

Strak instoppen alleen in combinatie met passende slaapzak

Het “veilig slapen protocol” geeft instructies en richtlijnen voor een veilige slaapsituatie voor de kinderen, om zo ongevallen en risico’s op wiegendood zoveel mogelijk te beperken. Dit protocol maakt deel uit van ons veiligheids- en gezondheidsbeleid conform de eisen uit de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang (IKK).

 

Dit protocol geldt voor alle kinderen van 0 tot circa 2 jaar die binnen onze opvang gaan slapen. Voor kinderen ouder dan 2 jaar gelden andere afspraken en is dit protocol in principe niet meer volledig van toepassing.

 

De basisadviezen – “De 4 van Veilig Slapen”

Volgens het protocol van VeiligheidNL zijn vier kernadviezen leidend.

  1. Slaapzak: Wij leggen de baby in een slaapzak, niet met losse deken of laken (alleen bij uitzonderingen en duidelijke afspraken met ouders).

  2. Rugligging: De baby wordt op de rug gelegd om te slapen. Rol de baby direct terug op de rug als hij/zij spontaan op de buik rolt, totdat hij/zij zelfstandig en vlot van rug naar buik en terug kan rollen.

  3. Veilig bedje: Het bedje voldoet aan de geldende normen (zoals EN-1130 voor wiegen, Warenwetregeling kinderbedden) en is vrij van kussens, grote knuffels, nestjes, rolletjes en andere zachte materialen waartegen het gezichtje kan komen te liggen.

  4. Voldoende toezicht: Slapende kinderen worden regelmatig gecontroleerd. Voor jonge baby’s (of in kritieke fase zoals een net gestart kind) geldt minimaal elke 10 minuten; standaard geldt minimaal elke 15 minuten een controle.

 

1.Uitwerking regels en procedure

1.1 Slaapplek & beddengoed

  • bed of wieg voldoet aan de Europese norm EN-1130 wanneer van toepassing (voor wiegen) en aan de Warenwetregeling nadere eisen kinderbedden- en boxen in kinderopvang.

  • gebruik van kinderwagenbak, hangmat of box als vaste slaapplaats voor baby’s.

  • matras past exact in het bedje, zonder grote kieren tussen matras en zijwand. De bodem is vlak en stevig.

  • het bedje liggen géén kussens, grote knuffels, rolletjes, nestjes of losse zachte materialen. Een klein knuffeldoekje mag indien het stevig gevuld is en verder uit dunne stof bestaat.

  • kind wordt aangekleed passend bij de temperatuur; het gezichtje moet vrij blijven. Controleer nek/lichaamstemperatuur. Oververhitting vermijden. Geen mutsjes.

  • slaapruimte is vrij van losse touwtjes, koordjes, snoeren of hangende objecten die risico kunnen vormen.

 

1.2 Houding en starten slapen

  • worden altijd op de rug neergelegd. Wanneer een baby zelf op de buik rolt, wordt hij/zij teruggelegd op de rug totdat ze zelf vlot en gecontroleerd kunnen omrollen.

  • aanvang van het slapen, duidelijke communicatie met ouders over eventuele afwijkende slaapbehoeften of routines thuis, en schriftelijke vastlegging van afspraken.

  • de overgang van thuis naar opvang extra aandacht; rust, vertrouwdheid en gemakkelijke overgang worden gestimuleerd.

 

1.3 Toezicht

  • op slapende kinderen tot 2 jaar: minimaal elke 15 minuten controle. Bij jonge baby’s of kritieke fase (bv. net gestart, rolt voor het eerst om) minimaal elke 10 minuten.

  • van tijdstippen van controles, observaties van kind (slaaphouding, ademhaling) en eventuele bijzonderheden.

 

1.4 Communicatie en afstemming met ouders/verzorgers

  • inschrijving of aanmelding van een baby wordt het beleid ‘veilig slapen’ besproken met de ouders/verzorgers. Het beleid wordt uitgereikt en ouders wordt gevraagd in te stemmen met de afspraken.

  • afwijkende slaapgewoonten thuis (zoals andere slaaphouding, gebruik van deken, etc) worden deze besproken, en schriftelijk vastgelegd wat in de opvang wordt gedaan en hoe deze afstemming loopt.

  • evaluatie met ouders (bijvoorbeeld na de eerste weken opvang) van het slaapritme en eventuele aanpassingen.

  • informeren over kritieke ontwikkelingsfasen (zoals moment dat baby voor het eerst draait) zodat gezamenlijk alertheid is geborgd.

 

1.5 Calamiteiten en incidenten

  • tijdens het slaapmoment wordt geconstateerd dat de baby op de buik ligt, of het gezicht verstopt zit, of andere potentieel gevaarlijke situatie: direct handelen (correct terugleggen, toezicht intensiveren) en melding/documentatie in het incidentenregister.

  • een ernstige gebeurtenis optreedt (zoals ademhalingsstilstand, plotselinge verslechtering), wordt direct procedure calamiteit gevolgd (zorgverlening, ambulancer oproep indien nodig, melding richting GGD/inspectie indien van toepassing).

  • evaluatie van het slaapbeleid binnen de organisatie: aantal incidenten, naleving controles, audit van slaapruimtes, bijstellen van procedure waar nodig.

 

2. Verantwoordelijkheden

  • houder/locatiemanager is verantwoordelijk voor het opnemen van dit protocol in het pedagogisch beleidsplan en veiligheids- en gezondheidsbeleid.

  • pedagogisch medewerkers (PM-ers) zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van dit protocol bij de slaapmomenten: voor juiste wijze van neerleggen, juiste beddengoed, toezicht, communicatie met ouders en documentatie.

  • medewerkers krijgen jaarlijks scholing/refreshing over het veilig slapen-beleid en de actuele richtlijnen van VeiligheidNL.

  • worden geïnformeerd bij aanmelding en via oudergesprek/informatie bijeenkomst over het slaapbeleid; zij dienen zich aan te sluiten bij de afspraken voor de gezamenlijke veiligheid.

 

3. Uitzonderingen en afwijkingen

  • van dit protocol zijn alleen toegestaan indien schriftelijk gemotiveerd, in overleg met de houder/locatiemanager, en waarbij risico’s zijn afgewogen. Afwijkingen worden vastgelegd in het dossier van het kind en aan ouders gecommuniceerd.

  • kinderen met medische afwijkingen, zoals zuurstofbehoefte, apneumonitoring, of andere voorschriften van een arts, geldt in overleg met de medische professional een aangepast slaapplan.

 

4. Registratie & monitoring

  • elk slaapmoment wordt vastgelegd: naam kind, datum/tijd in en uit, slaaphouding bij neerleggen, eventuele bijzonderheden (zoals afwijkende slaapzak, afwijking van standaardbed).

  • van controle-ronden tijdens slaap: tijdstippen van toezicht, observaties.

  • verlof, wisselingen in groepssamenstelling worden meegenomen in evaluatie van het beleid.

  • vindt interne audit plaats van slaapruimtes (bedden checken, beddengoed, ruimte inrichting, temperatuur, ventilatie) en naleving door medewerkers wordt getoetst.

 

5. Communicatie intern & extern

  • Bespreking van dit protocol tijdens teamvergadering, jaarlijkse bijscholing, vastlegging in het personeelshandboek.

  • Ouders krijgen een informatiefolder/uitvouwkaart over veilig slapen (via bijvoorbeeld materialen van VeiligheidNL) bij inschrijving.

  • wijzigingen in het protocol worden ouders/verzorgers geïnformeerd via nieuwsbrief, oudergesprek of schriftelijke mededeling.

 

 

Slaapprotocol Veilig Slapen

 

 

Onderdeel                                     

Richtlijn

 

Slaaphouding                              

Altijd op de rug

Slaapzak                                       

Goed passend, met rits, geen knopen, geen losse onderdelen

 

Bedmateriaal                               

Geen kussens, nestjes, dekbedden, grote knuffels of koorden

 

Temperatuur slaapkamer                                                      

15-20°C, ventileren en koelen indien nodig

Toezicht                                         

Elke 15 min. fysiek, jonge baby’s elke 10 min.

Registratie                                    

Logboek van controles, evt. met timer/reminder

Uitzonderingen                            

Strak instoppen alleen in combinatie met passende slaapzak

 

     

© Kyra Kinderopvang - Dank aan Nikki Keijzer ( illustraties )

Erkenningsbordje download.png
bottom of page